Wedstrijdreglement van het open LEISB Kampioenschap snelschaken 2008

 

Reglement Systeem Zwitsers in 2 groepen gevolgd door finalegroepen

 

Geldig voor het open snelschaakkampioenschap van de LeiSB, georganiseerd door de Alphense schaakclub. Het toernooi bestaat uit twee delen:

-           Twee parallelle Zwitserse toernooien om plaatsing voor de finalegroepen

-           Finalegroepen van in principe 10 personen per groep (tienkampen dus)

Het speeltempo is zowel in de voorronde als de finalegroepen 5 minuten p.p.p.p.

 

Voor het Zwitsers toernooi gelden de volgende regels en richtlijnen.

- Indien er minder dan 50 deelnemers meespelen bestaat de voorronde uit 1 grote groep Zwitsers.
- De twee Zwitserse toernooien worden gelijkmatig in sterkte samengesteld.
- Er worden in beide Zwitserse groepen 9 ronden gespeeld

- Bij een gelijk aantal punten tellen achtereenvolgens behaalde punten, Median Bucholz (is weerstandspunten zonder laagste en hoogste tegenstander), Bucholz score (alle weerstandspunten), Progressieve score, Berger (SB dus) en tenslotte lotingsnummer

- Er wordt ingedeeld volgens een standaard Zwitsers programma en bovengenoemde criteria dat ook de tussen- en eindstanden in beide groepen zal opmaken

- Een gepubliceerde indeling wordt niet gecorrigeerd op grond van overtreding van hierboven regels

 

Bij samenstelling van de finalegroepen gelden de volgende regels.

- De finale (tien)-kampen worden als volgt samengesteld:

- De nummers 1 t/m 5 van elke groep spelen in finale groep A, de nummers 6 t/m 10 In groep B enz.

Als er 2 personen in aanmerking komen voor de laatste plek in een finalegroep dan wordt gekeken naar achtereenvolgens het aantal behaalde punten, Median Bucholz, Bucholz score, Progressieve score, Berger (is SB) en ten slotte lotingsnummer.            

- Bij het LSB kampioenschap worden de eerste 2 finalegroepen sowieso 10-kampen. Vanaf de derde groep kan eventueel ook gekozen worden voor bijvoorbeeld 8-kampen als dat beter uitkomt.

- Het is mogelijk in de finalegroepen tegenstanders te treffen waar men ook al in de voorronde tegen gespeeld heeft.

- De nummers binnen de (tien)kampen worden geheel door loting bepaald.

 

Bij gelijk eindigen in de finalegroepen gelden de volgende regels.

- De groepsgeldprijzen worden altijd gedeeld

- De geldprijzen (en titels) van beste LSB’er, beste ASC’er en beste jeugdspeler behoren echter maar bij 1 persoon.

Bij een gelijk aantal punten in een finalegroep voor personen die ervoor in aanmerking komen beslist achtereenvolgens:

            -           Het onderlinge resultaat van deze in aanmerking komende personen (zo mogelijk iteratief toegepast)

            -           De Sonneborn-Berger score (Buchholz 2)

            -           De eindstand in de voorronde (volgens de eerder genoemde criteria voor de voorronde)

- Als iemand meerdere prijzen wint (bijvoorbeeld een groepsprijs en 1 of meer van de net genoemde)  dan krijgt diegene de hoogste van deze prijzen

- Voor iemand die in de finalegroep evenveel punten had als de winnaar van een speciale prijs (maar zelf niet een van deze prijzen won) geldt dat de eventuele geldprijs gelijk blijft aan de oorspronkelijke gedeelde prijs

Bij gelijk eindigen worden het kampioenschap en de bijbehorende beker voor het  open LSB snelschaaktoernooi als volgt beslist :

In geval van twee spelers beslist eerst het  onderlinge resultaat in de finalegroep. Als dat remise was wordt één beslissingspartij gespeeld met speltempo voor wit 5 minuten, zwart 4 minuten en 30 seconden. Bij remise is de zwartspeler kampioen. De kleur voor deze beslissingswedstrijd wordt geloot.

Bij meer dan twee personen op een kampioensplaats beslist achtereenvolgens:

-           Het onderlinge resultaat (zo mogelijk iteratief toegepast)

-           Als dan twee personen overblijven één beslissingswedstrijd zoals net beschreven

            -           Bij meer dan twee personen de Sonneborn-Berger score (Buchholz 2)

            -           De eindstand in de voorronde (volgens de eerder genoemde criteria voor de voorronde)